Beleid en business case

ETS, ETS2 en ERE-E zijn verschillende systemen

ETS, ETS2 en ERE-E raken allemaal aan CO2, maar ze doen iets anders. Voor exploitanten van laadinfra en walstroom is dat onderscheid belangrijk, vooral in contracten en klantcommunicatie.

25 juni 2026·PYK Power·8 min leestijd
Industriële installatie met emissies — symbool voor CO₂-beprijzing

Waarom dit vaak door elkaar loopt

ETS, ETS2 en ERE-E gaan allemaal over CO2-reductie, verduurzaming en financiële prikkels. Toch zijn het verschillende systemen met een andere opzet, andere verplichtingen en een andere geldstroom.

ETS en ETS2 zijn emissiehandelssystemen. Daarbij moeten gereguleerde partijen emissierechten hebben voor hun uitstoot. Een deel van die rechten wordt door de overheid geveild. In het bestaande EU ETS worden daarnaast in bepaalde gevallen nog rechten gratis toegewezen. De opbrengsten uit veilingen komen terecht bij lidstaten en Europese fondsen, zoals het Innovation Fund, het Modernisation Fund en bij ETS2 ook het Social Climate Fund.

ERE-E werkt anders. ERE-E’s ontstaan wanneer hernieuwbare elektriciteit aan vervoer wordt geleverd en correct wordt ingeboekt in het Register Energie voor Vervoer. Bedrijven met een brandstoftransitieverplichting kunnen ERE’s kopen van partijen met een overschot. Daardoor gaat de waarde niet eerst naar een overheidsfonds, maar rechtstreeks naar partijen die duurzame energie aan vervoer leveren of laten inboeken.

Dat verschil is belangrijk. ETS en ETS2 maken uitstoot duurder. ERE-E maakt de businesscase van duurzame transportinfrastructuur beter.

Wat ETS in de basis betekent

Het EU ETS is het Europese emissiehandelssysteem voor grote uitstoters. Het systeem geldt onder meer voor elektriciteits- en warmteproductie, energie-intensieve industrie, luchtvaart en inmiddels ook maritieme sectoren binnen de EU-regels.

De basis is cap and trade. Er is een Europees plafond op de totale uitstoot van de sectoren die onder het systeem vallen. Dat plafond wordt in de tijd verlaagd. Binnen dat plafond zijn emissierechten beschikbaar. Eén emissierecht geeft het recht om één ton CO2-equivalent uit te stoten.

Bedrijven die onder ETS vallen, moeten hun uitstoot meten, rapporteren en genoeg rechten inleveren voor hun emissies. Wie minder uitstoot, heeft minder rechten nodig. Wie meer uitstoot, moet meer rechten kopen.

De prikkel is dus duidelijk. Uitstoot krijgt een prijs en verduurzaming wordt relatief aantrekkelijker.

Worden ETS-rechten ook onderling verhandeld?

Ja. ETS-rechten worden niet alleen via veilingen verkocht. Ze kunnen daarna ook worden verhandeld tussen marktpartijen.

Bedrijven die onder ETS vallen, kunnen rechten kopen, houden, inleveren of overboeken. Een bedrijf dat minder uitstoot dan verwacht, kan rechten overhouden. Die rechten kunnen worden bewaard voor later gebruik of worden verkocht. Een bedrijf dat meer rechten nodig heeft, kan rechten bijkopen.

Naast gereguleerde bedrijven zijn ook financiële partijen actief op de markt. Zij zorgen voor liquiditeit, prijsinformatie en handelsmogelijkheden. De handel vindt plaats via gereguleerde markten, tussenpersonen en het Europese register waarin rechten worden aangehouden en overgeboekt.

Dat betekent dat ETS niet alleen een publiek veilingsysteem is. Het is ook een markt waarin schaarse emissierechten een prijs krijgen door vraag en aanbod.

Waar gaat het geld bij ETS naartoe?

Een belangrijk verschil met ERE-E is dat ETS-rechten in belangrijke mate worden geveild. De opbrengsten van die veilingen gaan niet rechtstreeks naar één duurzaam project of één terminalexploitant.

De opbrengsten gaan deels naar nationale begrotingen van lidstaten en deels naar Europese fondsen. Het Innovation Fund ondersteunt innovatieve koolstofarme technologieën. Het Modernisation Fund ondersteunt de energietransitie in bepaalde lidstaten. Lidstaten moeten ETS-opbrengsten inzetten voor klimaat- en energiedoelen.

Dit lijkt in opzet op het principe achter de terugsluis van de vrachtwagenheffing. Bij de vrachtwagenheffing worden netto-opbrengsten gebruikt voor innovatie en verduurzaming van de vervoerssector. Geld wordt eerst via een publieke heffing opgehaald en daarna via programma’s en subsidies teruggebracht naar verduurzaming.

Bij ETS gebeurt iets vergelijkbaars via veilingopbrengsten en klimaatfondsen. De financiële prikkel loopt dus voor een belangrijk deel via de overheid en publieke fondsen.

Wat ETS2 in de basis betekent

ETS2 is een apart emissiehandelssysteem naast het bestaande EU ETS. Het is bedoeld voor CO2-emissies uit brandstoffen die worden gebruikt in onder meer wegvervoer, gebouwen en aanvullende sectoren die niet onder het bestaande ETS vallen.

ETS2 werkt ook met cap and trade, maar de verplichting ligt upstream. Dat betekent dat niet de individuele automobilist, vrachtwagengebruiker of gebouweigenaar de ETS2-verplichting draagt. De verplichting ligt bij brandstofleveranciers en andere gereguleerde partijen die brandstoffen op de markt brengen.

Deze partijen moeten hun emissies monitoren en rapporteren. Vervolgens moeten zij genoeg ETS2-rechten inleveren voor de emissies die horen bij de geleverde brandstoffen.

Ook ETS2-rechten worden via veilingen verkocht. De opbrengsten moeten worden gebruikt voor klimaatmaatregelen en sociale maatregelen. Een deel van de opbrengsten gaat naar het Social Climate Fund, dat bedoeld is om kwetsbare huishoudens, transportgebruikers en kleine ondernemingen te ondersteunen bij de overgang.

Wanneer gaat ETS2 in?

ETS2 kent een gefaseerde invoering. De monitoring- en rapportageverplichtingen zijn al eerder gestart. De Europese Commissie beschrijft ETS2 als volledig operationeel vanaf 2028.

Voor bedrijven die onder ETS2 vallen, betekent dit dat de eerste daadwerkelijke inlevering van ETS2-emissierechten plaatsvindt in 2029 voor de emissies over 2028.

Daarom ontstaat soms verwarring over de startdatum. In sommige communicatie wordt 2027 genoemd, omdat partijen dan al moeten werken met rapportage, registerrekeningen en voorbereiding. Voor de feitelijke jaarlijkse inleverplicht voor emissies is 2028 het eerste relevante emissiejaar.

Kunnen ETS2-rechten ook worden verhandeld?

Ja. ETS2 krijgt een eigen markt voor ETS2-emissierechten. Brandstofleveranciers en andere gereguleerde partijen kunnen ETS2-rechten kopen, houden, inleveren en verhandelen. Ook andere partijen kunnen onder voorwaarden een handelsrekening openen.

Na de eerste veilingen kunnen ETS2-rechten ook via secundaire markten worden gekocht en verkocht. Daarmee ontstaat, net als bij het bestaande EU ETS, een marktprijs voor CO2-uitstoot binnen de sectoren die onder ETS2 vallen.

Een belangrijke nuance is dat ETS2-rechten niet uitwisselbaar zijn met bestaande EU ETS-rechten voor stationaire installaties, luchtvaart of zeevaart. ETS2 is dus geen uitbreiding van dezelfde rechtenpot, maar een apart systeem met eigen rechten.

Wat ERE-E anders maakt

ERE-E heeft een andere functie. ERE-E is geen emissierecht waarmee een bedrijf toestemming krijgt om CO2 uit te stoten. ERE-E is een emissiereductie-eenheid die kan ontstaan wanneer hernieuwbare elektriciteit aan vervoer wordt geleverd en correct wordt ingeboekt.

De waarde ontstaat dus aan de kant van duurzame levering. Denk aan elektriciteit voor elektrische trucks, mobiele machines, walstroom of andere kwalificerende vervoertoepassingen.

Bedrijven met een brandstoftransitieverplichting moeten voldoende ERE’s op hun rekening hebben. Zij kunnen die ERE’s zelf creëren door hernieuwbare energie te leveren en in te boeken, of zij kunnen ERE’s kopen van bedrijven met een overschot.

Daarmee ontstaat een ander soort geldstroom dan bij ETS. Bij ETS en ETS2 betaalt een gereguleerde partij voor emissierechten die door de overheid worden geveild of later op de markt worden gekocht. Bij ERE-E betaalt een BTV-verplicht bedrijf aan een marktpartij die ERE’s heeft gecreëerd of beschikbaar heeft.

Voor laadpleinen, terminals en walstroomlocaties is dat relevant. De opbrengst uit ERE-E kan rechtstreeks bijdragen aan de exploitatie van duurzame transportinfrastructuur.

Het verschil in één beeld

ETS en ETS2 zetten een prijs op uitstoot. De overheid veilt rechten, bedrijven kunnen rechten daarna ook onderling of via markten verhandelen, en de opbrengsten uit veilingen worden via nationale begrotingen en Europese fondsen ingezet voor klimaatbeleid, innovatie en sociale compensatie.

ERE-E beloont duurzame levering aan vervoer. De waarde loopt via de markt van BTV-verplichte bedrijven naar partijen die hernieuwbare energie aan vervoer leveren en daarvoor ERE’s kunnen inboeken.

Dat maakt ERE-E commercieel directer voor exploitanten van duurzame transportinfrastructuur. De opbrengst komt niet pas terug via een subsidieprogramma, maar kan onderdeel worden van de businesscase van de locatie zelf.

Waarom dit belangrijk is voor terminals, laadpleinen en walstroom

Voor een terminal, laadplein of walstroomlocatie is het belangrijk om deze systemen niet door elkaar te halen.

ETS of ETS2 kan de fossiele referentie duurder maken en daarmee de overstap naar elektrisch vervoer aantrekkelijker maken. Subsidies uit publieke opbrengsten kunnen investeringen ondersteunen. ERE-E werkt anders. Het kan extra opbrengst creëren uit de elektriciteit die daadwerkelijk aan vervoer wordt geleverd.

Daarvoor moet de levering wel kwalificeren. De meetdata, sectorindeling, rolverdeling en administratie moeten kloppen. ERE-E vervangt dus geen ETS-verplichting, ETS2-verplichting of subsidie. Het is een aparte waardestroom binnen de exploitatie van elektrische transportinfrastructuur.

Hoe PYK Power hierbij kijkt

PYK Power kijkt naar ERE-E als onderdeel van de businesscase van duurzame transportinfrastructuur.

Bij terminals, laadpleinen en walstroomlocaties gaat het niet alleen om de vraag of elektrificatie technisch mogelijk is. Het gaat ook om de vraag welke elektriciteit kwalificeert, welke ERE-E waarde indicatief kan ontstaan en hoe die waarde controleerbaar en verkoopbaar wordt gemaakt.

PYK Power ontwikkelt een platform voor realtime inzicht in meetdata, indicatieve ERE-E waarde en dossierstatus. Waar de data dat toelaat, kan het ERE-E potentieel op sessie- of leveringsniveau inzichtelijk worden gemaakt.

De formele inboeking blijft afhankelijk van de geldende voorwaarden, verificatie en beoordeling van het dossier.

Korte samenvatting

ETS en ETS2 zijn emissiehandelssystemen. Ze zetten een prijs op uitstoot. Rechten worden geveild, kunnen daarna worden verhandeld en de veilingopbrengsten worden gebruikt voor klimaatbeleid, innovatie, energietransitie en sociale maatregelen.

ETS2 wordt gefaseerd ingevoerd. Voor de feitelijke inleverplicht is 2028 het eerste relevante emissiejaar, met eerste inlevering in 2029. ETS2-rechten zijn eigen rechten en zijn niet uitwisselbaar met bestaande EU ETS-rechten.

ERE-E werkt anders. ERE-E’s ontstaan door het inboeken van hernieuwbare energie geleverd aan vervoer. BTV-verplichte bedrijven kunnen ERE’s kopen van bedrijven met een overschot.

Daardoor gaat ERE-E waarde directer naar de exploitanten en inboekers die duurzame energie aan vervoer leveren. Voor laadpleinen, terminals en walstroomlocaties kan dat de businesscase verbeteren, mits de meetdata, sectorindeling en dossieropbouw kloppen.

Gerelateerde artikelen

Bespreek uw regelgevingsmix

PYK Power voert een compacte ERE-E scan uit op locatie, sector, meetketen, data, bewijspositie en mogelijke waarde.